Honest Money

Gold is Wealth Hiding in Oil

  • Subscribe

  • Alert

    Jeroen Dijsselbloem en de hiërarchie van de oorzaken van het populisme

    Posted by Ivo Cerckel on December 13th, 2016

    De vreemdelingenangst is de oorzaak die alle andere transcendeert.

    Populisten bestonden reeds voor het uitbreken van de financiële crisis in 2008.

    Het vertrouwen in de euro is niet gebaseerd op het vertrouwen in de elite doch op het vertrouwen dat de gebruikers ervan in elkaar stellen.

    In tegenstelling tot het goud dat de euro in reserve heeft, is de euro niet bedoeld om opgepot te worden.

    In een op 11 december 2016 in Het Financieele Dagblad gepubliceerd interview met datzelfde FD stelt Jeroen Dijsselbloem, minister van Financiën, sinds 2013 voorzitter van de Eurogroep waarin de lidstaten van de eurozone hun fiscaal en economisch beleid coördineren, (PvdA) dat niet de vreemdelingenangst (één), noch de mondialisering (twee), vrijhandel (drie), of nieuwe technologie (vier) de wortels vormen van het huidige populisme in Europa, maar dat de primaire oorzaak daarvan de instabiliteit van de financiële sector (vijf) is.
    https://fd.nl/economie-politiek/1179093/mijn-bemoeienis-met-de-financiele-sector-is-volstrekt-terecht

    Aan Dijsselbloem werd gevraagd:
    “Wat we bedoelen te zeggen is: we zijn acht jaar verder sinds de crisis. Hoe lang blijft de financiële sector de boksbal van politici?”
    Hij antwoordde:
    “Mogelijk haalt Nederland het geld terug, maar de instabiliteit van de financiële sector heeft enorme schade aan de economie in Nederland en de rest van de Westerse wereld aangericht. Het is een van de factoren die de opmars van het populisme in Europa heeft gedreven. Een totale ontwrichting van het vertrouwen van mensen, van pensioenen van mensen, van werkperspectief.”

    Onmiddellijk daarop werd hem door het FD gevraagd:
    “Is de opmars van het populisme niet eerder het gevolg van mondialisering, vrijhandel, nieuwe technologie en vreemdelingenangst?”
    Hij antwoordde:
    “Het is primair de bankensector. Al ben ik wel vatbaar voor uw eerdere argument dat de bankensector niet in isolement is gegroeid maar in een maatschappelijke context waarin iedereen heeft geprofiteerd van de groei van deze sector. ”

    Ook vroeg het FD aan Dijsselbloem:
    “Bent u een moraalridder?”
    De minister antwoordde:
    “Er zit zeker een morele kant aan. Maar ook een klassieke PvdA-kant: hoe houden we de boel bij elkaar. Dat is een verantwoordelijkheid voor de hele elite. Ik voer wel eens gesprekken met bankiers en andere ceo’s over het populisme. Dan zie je in hun ogen: dat is toch een zaak voor politici. Maar als je vertrouwen wilt terugwinnen dan moet je een positie innemen in het maatschappelijk debat. Bankiers zijn onder tafel gekropen, begrijpelijk vanwege de storm. Maar er komt een moment dat ze er weer onder vandaan moeten.”

    Uit zijn antwoord op de vraag naar zijn moraalridderschap blijkt Dijsselbloems definitie van het populisme . Voor hem betekent populisme de inspeling door bepaalde politici op het feit dat de massa het vertrouwen verloren heeft in de elite die de boel moet samenhouden.

    Het komt mij voor dat deze (immorele) boel die voor Dijssenbloem dient samengehouden ook voor hem de beveiliging van het nationale grondgebied (het Rijksgebied?) tegen vreemdelingen omvat.

    Uit de vrijspraak eerder deze maand van Geert Wilders,de populistische politicus bij uitstek door de Haagse rechtbank voor aanzetten tot vreemdelingen-haat
    en zijn schuldigverklaring voor het aanzetten tot discriminatie en groepsdbelediging zonder hem daarvoor een straf op te leggen
    blijkt dat de rechtbank het onderscheid tussen vreemdelingen-angst en vreemdelingen-haat aanvaard heeft.

    Voor Wilders en zijn tengevolge van de Haagse schuldigverklaring immer stijgende aanhang omvat de Dijsselbloemse boel zeker de beveiliging van ’s Lands grondgebied.

    Wilders richtte zijn “Partij voor de Vrijheid” (PVV) onder de naam “Vereniging Groep Wilders op in 2005.
    https://nl.wikipedia.org/wiki/Partij_voor_de_Vrijheid

    De instabiliteit van de financiële sector die voor Dijsselbloem de primaire oorzaak is van het populisme kwam pas drie jaar later in 2008 aan het licht.
    Toen, in 2008, begon voor de analysten de huidige financiële crisis.
    Voor deze datum waren er dus volgens Dijsselbloem geen populisten in het land.
    Voor deze datum was Wilders geen populist, stelt Dijsselbloem?

    Nog eens;
    De “primaire” oorzaak van de opmars van dat populisme (van Wilders) is volgens Dijsselbloem niet de vreemdelingen-angst (één), noch de mondialisering (twee), vrijhandel (drie), of nieuwe technologie (vier) maar de instabiliteit van de financiële sector (vijf) die het vertrouwen van mensen, van pensioenen van mensen, van werkperspectief totaal ontwricht heeft. Aangezien de elite deze perspectieven had geboden aan de massa leidt het verlies van het vertrouwen in deze perspectieven tot een verlies van het vertrouwen in deze elite.

    Het vertrouwen in de euro is echter niet gebaseerd op het vertrouwen in de elite doch op het vertrouwen dat de gebruikers van de euro stellen in elkaar (in tegenstelling tot het goud dat de euro in reserve heeft, is de euro niet bedoeld om opgepot te worden), stelde wijlen Wim Duisenberg bij de ontvangst in 2002 van de Karel de Grote prijs voor Aken. (1)

    De “primaire” oorzaak van de opmars van dat populisme (van Wilders) is volgens Dijsselbloem niet de vreemdelingenangst (één), noch de mondialisering (twee), vrijhandel (drie), of nieuwe technologie (vier) maar de instabiliteit van de financiële sector (vijf) die het vertrouwen van mensen, van pensioenen van mensen, van werkperspectief totaal ontwricht heeft, zei ik – al tweemaal.

    Wat is dat een “primaire” oorzaak?

    “Omnis causa primaria plus est influens super causatum suum quam causa universalis secunda.” (“Liber de Causis”)
    “Iedere primaire oorzaak heeft meer invloed op hetgeen het teweeg brengt dan een universele secundaire oorzaak. ” (“Boek der Oorzaken”)

    Het “Liber de Causis” is een pseudo-Aristotelisch geschrift dat in de dertiende en veertiende eeuw behoorde tot de meest geciteerde geschriften.

    In de Middeleeuwen werd het boek ten onrechte aan Aristoteles toegeschreven. Het werd vanuit het Grieks vertaald naar het Arabisch in Bagdad in het Huis der Wijsheid (“Bayt-al-hikmah”) dat vanaf 830 na Christus in Bagdad werkzaam was en waar de vertalers van de tijd waren samengebracht geweest door en betaald werden door het Abbasid regime met het doel de Griekse wijsheid beschikbaar te maken voor de Arabisch –Moslim cultuur.
    http://www.greenville.k12.mi.us/webpages/radclifm/muslim_contributions.cfm?subpage=1784945

    Het was Willem van Moerbeke (1215-1286) die tot de waarheid kwam en ontdekte dat het van de hand van de Neoplatonistische filosoof Proclus (421-485) was.

    Het is de Eerste Stelling van dat Boek die stelt dat
    “Omnis causa primaria plus est influens super causatum suum quam causa universalis secunda.”

    Dit is het grondprincipe van het “Liber de Causis”.
    Het stelt dat hoe transcendenter een oorzaak des te immanenter haar inwerking is.
    In een reeks oorzaken zal dus de eerste en meer verhevene een diepere invloed uitoefenen dan de andere.

    Dit wordt gestaafd door het feit dat, wanneer de inwerking van de secundaire oorzaken ophoudt, de primaire oorzaak nog werkdadig blijft,
    want ze transcendeert de andere oorzaken
    die trouwens zelf van de primaire oorzaak afhangen.
    Dit blijkt hierdoor dat de mens eerst bestaat, dan leeft en tenslotte mens is.

    Het gehele systeem van Proclus steunt op het beginsel dat de immanentie van de oorzakelijkheid evenredig is aan de transcendentie van de oorzaak.
    M.a.w., hoe transcendenter een oozaak, des te immanenter haar invloed.

    Zo is de inwerking van de primaire oorzaak dieper dan die van de secundaire oorzaken
    want haar invloed betreft het ZIJN zelf van een wezen
    en deze invloed blijft duren
    zelfs wanneer die der secundaire oorzaken ophoudt. (2)

    Voor Dijsselbloem is de primaire oorzaak van de opmars van dat populisme niet de vreemdelingenangst (één), noch de mondialisering (twee), vrijhandel (drie), of nieuwe technologie (vier) maar de instabiliteit van de financiële sector (vijf) die het vertrouwen van mensen, van pensioenen van mensen, van werkperspectief totaal ontwricht heeft.

    Oorzaak vijf wordt voor Dijsselbloem de primaire. Dit betekent niet dat oorzaak één de secundaire wordt. Dit betekent wel dat de vier andere mogelijke oorzaken dienen geclasseerd in een rang-orde (classeren is een rang geven) waarbij er een de secundaire, en de drie andere de tertiaire, quartaire en quintaire oorzaken worden.

    Wanneer je probeert om deze rang-orde op te stellen, valt het onmiddellijk op dat oorzaak één (vreemdelingen-angst) van een heel andere orde is dan de drie andere, ttz. dan oorzaken twee, drie en vier. Deze drie anderen behoren tot de financiële-commerciële-technologische rde, daar waar de eerste de angst voor de vreemde mens betreft.

    Oorzaak vijf, door Dijsselbloem gekwalificeerd als de primaire, behoort tot dezelfde orde als de oorzaken twee, drie en vier.

    Indien oorzaak vijf in de rang-orde als de primaire wordt gekwalificeerd, moet dan niet geconcludeerd dat de oorzaken van dezelfde orde als “voorafgaand” moeten gekwalificeerd ten opzichte van oorzaak één?

    Dit zou dan betekenen dat oorzaken twee, drie en vier in een bepaalde rang-orde dienen gekwalificeerd als de secundaire, tertiaire en quartaire oorzaken.

    Dit zou meebrengen dat de vreemdeling-angst de quintaire oorzaak zou zijn.

    Indien je antwoord op de zojuist gestelde vraag ontkennend is, vraag je dan af of deze vreemdelingen-angst niet de oorzaak is die alle andere transcendeert en dus de primaire oorzaak.

    Je antwoorden kunnen misschien nagetrokken bij de rechters in de Haagse rechtbank die Wilders zojuist schuldig verklaarden aan aanzetten tot reemdelingen-angst.

    Ivo Cerckel
    philmigrator@yahoo.com

    NOTEN

    (1)
    Acceptance speech of the International Charlemagne Prize of Aachen for 2002
    by Dr. Willem F.. Duisenberg, President of the European Central Bank,
    Aachen, 9 May 2002
    http://www.ecb.int/press/key/date/2002/html/sp020509.en.html
    UITREKSEL
    What is money? Economists know that money is defined by the functions it performs, as a means of exchange, a unit of account and a store of value. But, just as importantly, money is also defined by the community for whom it performs these functions. Because it is an economic instrument for each of its users, it is also a political and cultural bond between them. Consider this simple fact: we engage in an exchange of goods and services everyday by using money as the means of exchange; and we offer our labour in exchange for money, which, in itself, has no value. We only do this because we believe that we will, in turn, be able to exchange that money for more goods or services. This fact tells us much about the confidence that we place in money itself. And it tells us much more about the confidence that we place in each other.

    Vertaling: Wim Duisenberg speech over de euro
    Frank Knopers 29 januari 2013
    http://marketupdate.nl/nieuws/economie/valutacrisis/vertaling-willem-duisenberg-speech-over-de-euro/
    UITREKSEL
    Wat is geld? Economen weten dat geld wordt gedefinieerd door de functies die het vervult, als een ruilmiddel, een rekeneenheid en als een opslag van waarde. Maar, minstens zo belangrijk, geld wordt ook gedefinieerd door de gemeenschap voor wie ze deze functies uitoefent. Omdat het een economisch instrument is voor al haar gebruikers schept ze onderling ook een politieke en culturele band. Denk aan dit simpele feit: we betrekken ons dagelijkse in een uitwisseling van goederen en diensten waarbij we geld gebruiken als ruilmiddel. We bieden onze arbeid aan in ruil voor geld, dat in zichzelf geen waarde heeft. We doen dit alleen omdat we erop vertrouwen dat we dat geld kunnen gebruiken voor de uitwisseling van goederen en diensten. Dit feit zegt op zichzelf al veel over het vertrouwen dat we leggen in het geld. En het zegt nog meer over het vertrouwen dat wij als mensen in elkaar hebben.

    (2)
    Adriaan Pattin,
    “De hiërarchie van het zijnde in het Liber de Causis”,
    Tijdschrift voor Filosofie, 23 (1961), pp. 130-57.

    Leave a Reply

    XHTML: You can use these tags: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>